De ringweg (weg nummer 1) is nagenoeg geheel verhard. De stukjes die dat niet zijn, zijn in het algemeen toch erg goed bereidbaar. Veel gruiswegen zijn "wasborden" maar dan ook soms nog met grote keien. Dat zijn wegen die je auto behoorlijk kunnen slopen en dat is ook de reden waarom je op die wegen vrijwel geen campers ziet. De meeste auto's hier zij 4x4 terreinwagens. Gelukkig is op de kaart aangegeven of de wegen verhard zijn of niet. Als je wilt kan je daar dan rekening mee houden. Door het mooie weer dat wij hadden waren de wegen erg stoffig. De sporadische tegenligger kon je dan al uit de verte zien aankomen en het stof drong tot ver in de kleinste gaatjes van de auto.

Toch is het aan te bevelen om van de ringweg af te wijken daar waar dat mogelijk is. Je rijdt dan door erg rustige en vrijwel onbewoonde delen van het land. Zeker de West-Fjorden zijn de moeite waard, maar trek daar gerust minstens een week voor uit. Ook de Noord-Oost kant vonden wij geweldig. Op de website van het Vegagerdin zijn de condities en wegwerkzaamheden te raadplegen. ook is daar aangegeven hoeveel verkeer een bepaald weggedeelte die dag heeft gepasseerd. Je krijgt dan een idee van de verkeers"drukte".

      

Hrafnseyrarheidi (West-Fjorden)                          Saudaflllsháls (omgeving Dettifoss)               

Dynjandisheidi (omgeving Dynjandi)

Het kan gebeuren dat ze met de weg bezig zijn (dat is dan ook aangegeven op de website van Vegagerdin). Over een lange afstand wordt dan alles opengebroken en je rijdt er echt over grote keien en door immense gaten. Wij troffen dit in de West-Fjorden de weg naar Reykjanus. De weg was zo slecht dat een van de wegwerkers meewarig zijn hoofd schudde toen we langs kwamen. Gelukkig hebben we het daar zonder problemen gered.

De meeste wegen zijn niet steil. De uitzondering hierop was eigenlijk alleen Hellisheidi, in het noord-oosten. Wij troffen het dat de weg omhoog in de mist zat en tevens glad was van de neerslag hier uit. Het is ook nog een smalle weg met scherpe bochten omhoog. Het zweet stond me in de handen, maar deels in de eerste versnelling hebben we het gered, gelukkig zonder van de weg te glijden. Omdat boven alles open trok hadden we er wel een fabuleus uitzicht.

   

Hellisheidi                                                       Omgeving Djúpavik

Van opspattend spilt hebben we niet veel last gehad. Wel is eenmaal split onze band ingedrongen zodat we een lekke band hadden. Reparatiebedrijfjes zijn er gelukkig overal, en niet duur.

      

De wegmarkering is prima. Er wordt aangegeven als er wegversmallingen zijn (veelal bruggen ter breedte van slechts één auto), onoverzichtelijke bochten of bultjes in de weg of als de wegverharding eindigt. De bewegwijzering is prima. Er is aangegeven als het om een F-weg gaat. Deze wegen zijn in principe alleen met een 4x4 bereidbaar, maar met goed weer en zonder rivierdoorsteken ook zonder dat (mits een hoge bodemplaat). Wij reden probleemloos de F35 (de Kjöler) van uit het noorden naar Hveravellir en de F208 naar Landmannalaugar. Sommige kaarten en wegwijzers geven aan dat het F-wegen zijn, andere niet meer. Hard rijden gaat niet. De tocht naar Landmannalaugar (ruim 30 km) "kostte" ons meer dan 2 uur. Deels is het laveren tussen de kuilen en de stenen in de weg, deels door het erg mulle vulkaanstof waarin we bijna vast te kwamen zitten.

   

Kjöler 

Kjöler                                                           Naar Landmannalaugar